Op locatie

Hotel du Parc: art deco in Oostende

“Met de bib van Oostende willen we jullie graag boeken voor twee lezingen op de Dag van het Middelbaar.” Er klonk een jubelkreetje op de redactie toen het bericht binnenliep. Niet alleen om de opdracht, maar ook om de optie om er een hotelnachtje aan te koppelen. Kunnen we eindelijk Hotel du Parc afvinken van onze wishlist met plekken-waar-we-ooit-willen-slapen. Want komaan, een art-decohotel met een flink stukje (literaire) geschiedenis, en dat in dé culturele badstad aan de Belgische kust? Dat schreeuwt toch This Is How We Read…

Katrien: Landen doen we in Café du Parc, de iconische brasserie op de benedenverdieping van het hotel, die is verbonden met het literaire leven in het interbellum en schrijvers als Joseph Roth en Stefan Zweig. Ook vandaag verzamelen journalisten, acteurs en schrijvers graag in het authentieke interieur dat met z’n lambriseringen, spiegels, plafondversieringen is beschermd als erfgoed. We spotten opvallend veel bekende gezichten, daar zit het Filmfestival van Oostende misschien voor iets tussen.

Wij hebben er afgesproken voor thee en koffie met An Pauwels, curator van het literaire non-fictie festival FAAR, dat binnenkort plaatsvindt in Oostende.

Een ideale kick-off voor 24 uur Oostende, want An blijkt niet alleen een warme boekenambassadeur te zijn, haar liefde voor de stad (met z’n onderbuik) is minstens even groot. ‘Zou jij hier niet een tijdje willen wonen?’ vraagt Barbara me achteraf. Het is zo’n vraag die het antwoord van de vraagsteller verraadt. En ik snap het wel. Oostende verenigt natuur met cultuur, volks met hip. ‘Ik ga om te beginnen wat vaker komen,’ zeg ik, voorzichtig maar in de wetenschap dat het geen ijdel voornemen is. Mijn kaartjes voor FAAR op 8 maart zijn al geboekt.

Barbara: Ik denk dat ik de afgelopen jaren al een stuk of tien keer iets dronk of at in Café du Parc. Aan zee verblijft ons gezin doorgaans in Knokke-Heist, maar na een paar dagen springen we graag op de kusttram. Even uitwaaien in Oostende, tussen de gedeukte rode blikjes van Arne Quinze op de zeedijk en de vergane glorie van Belgische koninklijke projecten.

In het buitenland heb ik een zwak voor hotels met een roemrijk verleden en ook in eigen land kan ik niet aan iconische plekken weerstaan. Hotel du Parc dus, in bedrijf sinds 1879,

en in 1936 het decor van een woelige literaire liefde. Joseph Roth (toen 42) en Irmgard Keun (31) waren aan elkaar gewaagd als hypergeconcentreerde schrijvers en stevige drinkers. Allebei op de vlucht voor de stormen in Europa, voelden ze bij hun kennismaking in Oostende meteen een band. Hij was een gezette drinker met dunne benen en een droevige uitstraling, zij een vrolijke blondine die zich door hem ‘Konijntje’ liet noemen.

In Café du Parc dreven ze hun pen als verbeten marathonlopers over het papier, maar de roes of het sprookje zou niet blijven duren,

zoals Dirk Leyman in dit uitstekende stuk beschrijft. Je leest de hele geschiedenis van Hotel du Parc – van de bouw tijdens de Belle Epoque via de hoogdagen dankzij de Battlefield Tourists tot de inname door de Gestapo – maar eens op de website. Ik bedoel simpelweg: Café du Parc spreekt al lang tot mijn verbeelding en mijn nieuwsgierigheid naar het bovengelegen Hotel du Parc is groot.

En kijk waar een lezing met boekentips een mens kan brengen… In februari 2025 staan Katrien en ik ein-de-lijk in de kleine lift van Hotel du Parc (een elektrische, in 1902 nog een primeur in Oostende).

We stappen per ongeluk uit op de eerste verdieping, maar ongelukken bestaan niet: zo ontdekken we de bibliotheek van het hotel.

Niet veel later checken we in op onze kamer op de vijfde verdieping. Houten vloer, chaise longue tegen de wand en sfeerverlichting naast het bed. De vibe van deze kamer zit goed. En dan moet ik de blauwe keramieken tegeltjes in de badkamer nog ontdekken. Ik had het nooit geloofd op mijn vijfentwintigste, maar zo’n tegeltjes maken me al even blij als de schaduw van Irmgard Keun, die ik hier over mijn schouder voel.

Katrien: Ik deel Barbara’s enthousiasme. Schoonheid zit hier in elk detail, van de karakteristieke zwarte blokletters op de verder witte gevel tot de zwierige art-decotrap in de inkomhal. Ook de afwerking van onze superior kamer is helemaal onze smaak. Als ik een les heb geleerd uit de vele Binnenkijken reportages die ik de afgelopen jaren schreef, is dat je materialen en texturen moet combineren om een ruimte een warme en luxueuze uitstraling te geven. Dat is hier alvast goed gelukt.

De hotelrenovatie, die dateert van 2023, gebeurde bovendien met veel respect voor de erfgoedwaarde van het pand.

Zo werden de deuren in bogen behouden, en ben ik zelf helemaal verliefd op de combinatie van het donkere mahoniehout en groene marmer van de nachttafeltjes, een combinatie die je ook in het Café vindt.

Het ziet er bovendien niet alleen uitnodigend uit, het bed ligt ook hemels. Niet onbelangrijk als de griep nog maar net is gepasseerd en er de volgende dag een lading pubers op je wacht voor een lezing met boekentips.

Barbara: Voor de slaaptest slaagt Hotel du Parc (en mijn prima bed daar) met glans. Ook qua ligging (bij het Casino en de gerenoveerde Grote Post – ideaal dus voor bezoekers aan FAAR) en atmosfeer (heb je de tekst hierboven gelezen?!) gooit het hoge ogen.

Rest er nog één belangrijke test: hoe goed is het ontbijt? Zo goed dat zelfs niet-hotelgasten graag aanschuiven aan het buffet en daar 24 euro voor betalen!

Katrien en ik vliegen in de old skool koffie uit grote thermossen, plunderen de manden met chocoladebroodjes en croissants, versterken de innerlijke mens met eieren en spek en passeren nog eens langs het uitgebreide koude buffet met fruit, rosbief en bereidingen met groenten.

Onze liefde gaat door de maag, door boeken en langs kraakverse lakens. Hotel du Parc doet de hattrick. Allen daarheen.

PS. Nog een reden nodig voor een bezoek aan Oostende? De expo over het verzonken schiereiland Testerep loopt nog tot 20 april in de Venetiaanse gaanderijen. Benieuwd naar die Vlaamse Atlantis en hoe Oostende zich voorbereidt op de stijgende zeespiegel in de toekomst? Katrien sprak erover met onderzoeker Soetkin Vervust.

PPS. Al hadden we maar een nacht, een boek gaat altijd mee. Deze zat in onze koffer, want nieuwsgierig, maar deze had beter gepast.

PPPS. ‘Waar moeten we eten?’ vroegen we aan twee onafhankelijke bronnen. ‘In Café du Parc zelf’ kregen we evenveel keer te horen. Dat we toch uitweken, had dan ook niet te maken met de reputatie van de brasserie, de zin om de stad verder te verkennen was gewoon te groot. En toegegeven, deze ceviche van sint-jacobsschelpen die Katrien at in The Catch, was wel heel lekker.